Veel gestelde vragen

Hieronder vind je antwoorden op veel gestelde vragen rond het burgerinitiatief Stop veefabrieken Utrecht en vragen over de megastallen en de bio-industrie in het algemeen. Wanneer jouw vraag niet beantwoord wordt, kun je een e-mail sturen naar Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. .

Vragen over het burgerinitiatief

Wat is het doel van het burgerinitiatief “Stop Veefabrieken Utrecht”?

We willen de politiek laten zien dat burgers niet zitten te wachten op dergelijke grote veefabrieken. Dat doen we door het opstarten van dit burgerinitiatief, gericht op Provinciale Staten van Utrecht. Met het burgerinitiatief wordt de provincie verzocht om op basis van de Wet Ruimtelijke Ordening (WRO) de vestiging van megabedrijven voor veehouderij definitief tegen te houden.

Wat is een burgerinitiatief?

Met een burgerinitiatief kunnen kiesgerechtigde inwoners van Utrecht gezamenlijk een voorstel op de politieke agenda van de provincie zetten. De Provinciale Staten gaan het plan inhoudelijk behandelen en vervolgens moeten alle gekozen statenleden stemmen over het voorstel. Als het een meerderheid haalt zal het worden gerealiseerd.

Wanneer is een burgerinitiatief geldig in Utrecht?

Alleen geldige burgerinitiatieven worden in behandeling genomen. Daarvoor moet het op de eerste plaats ondersteund worden door minimaal 1500 kiesgerechtigde inwoners van Utrecht. De provincie wil daarom dat naam, adres, woonplaats, geboortedatum én handtekening ingevuld worden. Verder moet het gaan over een onderwerp waarover de provincie wat te zeggen heeft. Dat is al in orde, de provincie kan besluiten grenzen te stellen aan de vee-industrie. In de provincie Groningen en Noord-Holland hebben ze deze stap al gezet!

Wat vragen jullie precies van de politiek?

Met het burgerinitiatief wordt de provincie verzocht om op basis van de nieuwe Wet Ruimtelijke Ordening (WRO) de vestiging van megabedrijven voor veehouderij voorgoed tegen te houden. Gemeenten moeten daar vervolgens in hun ruimtelijke ordening- en milieubeleid rekening mee houden.

Hoe denken jullie de 1500 handtekeningen te verzamelen?

Via een huis-aan-huis mailing roepen we inwoners van de provincie Utrecht op om mee te doen. Natuurlijk schrijft Milieudefensie ook al haar eigen leden in de provincie aan.

Mag ik ook tekenen als ik nog geen 18 ben?

Het is geen probleem als er ook jongeren meedoen die nog geen 18 zijn. Dierenwelzijn en milieu zijn voor alle leeftijdsgroepen belangrijk. Maar voor de provincie telt alleen de ondersteuning door mensen die kiesgerechtigd zijn, dus 18 jaar of ouder. Daarvan hebben we er minimaal 1500 nodig. Dat er daarnaast óók nog jongere ondertekenaars meedoen zien wij als een belangrijk signaal, dat echt veel mensen willen dat de provincie stappen zet.

Ik woon niet in Utrecht, maar ben het toch met jullie eens. Zal ik ook tekenen?

Fijn dat je het met ons eens bent, maar we denken dat het beter is als je niet tekent! Je ondertekening is namelijk niet geldig voor de provincie. Bovendien is dit burgerinitiatief puur op de provinciale politiek gericht, het is ook daarom beter dat het gedragen wordt vanuit de eigen bevolking van Utrecht. In andere regio’s zijn er echter ook initiatieven tegen plannen voor veefabrieken. Wellicht kun je hen ondersteunen. Klik hier voor het overzicht >>

Waarom richten jullie je op de politiek? Zouden consumenten niet meer biologisch vlees moeten kopen?

Mensen geven aan dierenwelzijn en milieu belangrijk te vinden, maar veel consumenten kiezen door het grote prijsverschil toch voor het goedkoopste stukje vlees. De prijs van gangbaar vlees wordt echter kunstmatig laag gehouden. De bio-industrie veroorzaakt jaarlijks voor honderden miljoenen aan schade door milieuvervuiling die wordt betaald door de overheid. Als deze kosten worden doorberekend in de prijs zal het prijsverschil veel kleiner zijn. Het is de taak van de politiek om de voorwaarden te creëren zodat er alleen nog maar op een duurzame manier vlees wordt geproduceerd en waarbij alle kosten worden doorberekend.

Wat kan ik zelf nog meer doen?

  • Verzamel zoveel mogelijk handtekeningen voor het burgerinitiatief!
  • Eet de bio-industrie de wereld uit! Je hoeft niet meteen vegetariër te worden om een einde te maken aan de vee-industrie. Minder vaak vlees eten scheelt. De keuze aan vleesvervangers is groot.
  • Biologisch vlees (met het EKO-keurmerk) is beter voor het milieu én dierenwelzijn. Het is bovendien smakelijker! Niet voor niets zweren veel topkoks erbij.

Steun het burgerinitiatief!

Doe mee! Elke handtekening telt. Grijp deze kans om dierenleed en milieuvervuiling te stoppen! Ontvang via e-mail de handtekeningenlijst en bilijf op de hoogte door je op te geven voor onze nieuwsbrief:

Naam: E-mail:

Vragen over de vee-industrie

Wat is er mis met de vee-industrie?

De bio-industrie veroorzaakt niet alleen in eigen land veel dierenleed en milieuvervuiling. Door de grootschalige import van soja voor veevoer is zij mede verantwoordelijk voor sociale misère en de vernietiging van unieke natuurgebieden in Zuid-Amerika. De aanleg van sojaplantages is in het Amazonegebied zelfs een van de belangrijkste oorzaken van ontbossing. De bouw van megastallen draagt niets bij om deze problemen op te lossen.

Wat is jullie bezwaar tegen megastallen?

Wij maken ons ongerust over de intensivering en schaalvergroting van de veehouderij, waarin op een zeer fabrieksmatige manier wordt omgegaan met onze landbouwdieren. In de afgelopen dertig jaar heeft schaalvergroting vrijwel niets opgeleverd voor de dieren. Waar nu een kleinschalige veehouderij op het platteland nog zou kunnen omschakelen naar een diervriendelijkere veehouderij, is dat bij megastallen uitgesloten. Een kip in een veefabriek zal nooit de kans krijgen op uitloop naar buiten en er is onvoldoende ruimte voor natuurlijk gedrag. Door de hoge uitstoot van schadelijke stoffen vormen megastallen een bedreiging voor mens, dier en milieu.

Wat is er mis met schaalvergroting?

In de 60-er en 70-er jaren voltrok er zich een forse schaalvergroting en intensivering in de veehouderij. Op zich geen kwade opzet, maar tegen de tijd dat steeds meer mensen hierover kritische vragen gingen stellen was het al te laat. Er waren miljoenen geïnvesteerd en het blijkt vervolgens zeer moeilijk om zelfs maar de ernstigste inbreuken op het dierenwelzijn en milieuvervuiling ongedaan te maken. De megastallen gaan door op deze doodlopende weg en vormen de exponent van de steeds verdere gaande schaalvergroting en intensivering. Een weg die ons nu juist tot zulke grote dierenwelzijn- en milieuproblemen heeft gevoerd.

Het extreme kostprijsgedreven karakter van deze vorm van veehouderij zorgt voor een zogenaamde ‘race to the bottom’, waarbij dierenwelzijn en milieu het keer op keer aflegt tegen het economisch gewin. In plaats van de focus op een zo laag mogelijke kostprijs en bulkproductie zouden we moeten kiezen voor een duurzame veehouderij waar dierenwelzijn en een schoon milieu hoog in het vaandel staan.

Het is toch allemaal goed geregeld in Nederland?

Dat valt best tegen. Nederland importeert op grote schaal veevoersoja uit gebieden waar de teelt van soja gepaard gaat met ernstige sociale en ecologische misstanden. Miljoenen varkens en kippen worden onverdoofd verminkt (castratie, snavels kappen) om maar zo goedkoop mogelijk te produceren. Jaarlijks veroorzaakt het mestoverschot voor honderden miljoenen aan schade aan natuurgebieden en historische gebouwen.

Maar megastallen voldoen toch aan de wet?

Dat een bedrijf voldoet aan de wetgeving, betekent niet dat het dierenwelzijn en milieu gegarandeerd zijn. Dieren zijn amper wettelijk beschermd; de huidige wetgeving kan dieren nog lang geen welzijn garanderen. De praktijk wijst uit dat ook megastallen geen vooruitgang bieden voor de dieren, ze krijgen net zo weinig ruimte als hun soortgenoten. En ook al worden de modernste technieken gebruikt om milieuvervuiling tegen te gaan, alsnog zal door de omvang van het bedrijf de milieubelasting enorm zijn.

Wat is er mis met het dierenwelzijn in de bio-industrie?

Al vanaf 1965 werd op Europees niveau gesteld dat dieren vrij moeten zijn van:

  1. Dorst, honger en ondervoeding
  2. Fysiek en fysiologisch ongerief
  3. Pijn, verwondingen en ziektes
  4. Om normale gedrag te kunnen uitvoeren
  5. Angst en chronische stress

Veertig jaar later blijkt dat in de bio-industrie aan minstens vier van deze Vijf Vrijheden niet wordt voldaan (RuG, 2003). Respectvol omgaan met landbouwhuisdieren is dan ook ver te zoeken.

Wij willen een veehouderij waarin wèl voldaan wordt aan deze vrijheden, door deze vrijheden in de wet te verankeren. Dit betekent meer ruimte voor de dieren, de mogelijkheid om natuurlijke gedrag te vertonen, een einde aan het gesleep door heel Europa en geen verminkingen zoals onverdoofde(!) castratie van varkens en snavelkappen van kippen. Boeren die het dierenwelzijn grondig verbeteren moeten hiervoor worden beloond. Het zoveel mogelijk produceren voor zo weinig mogelijk geld moet stoppen. Dieren zijn geen dingen!

Klik hier voor meer informatie >>

Wat zijn de gevolgen voor natuur en milieu in Nederland?

De bio-industrie is een ramp voor natuur en milieu in ons land. We zijn het dichtstbevolkte varkens- en kippenland ter wereld. Al deze dieren produceren ieder jaar maar liefst 70 miljard kilo mest , dat is 4.000 kilo per Nederlander. Al deze mest vervuilt de bodem en het grondwater. Natuurgebieden worden aangetast en veel plantensoorten sterven uit. Deze milieuproblemen kosten de belastingbetaler ieder jaar 1,75 miljard euro. Daar komen de kosten voor de bestrijding van dierziekten zoals varkenspest en MKZ, al meer dan 2 miljard euro, nog bovenop. En welk prijskaartje hangen we het aantasten van natuurgebieden, klimaatsverandering en gezondheidsschade door antibiotica?

Daarom vinden wij dat de vleesindustrie moet krimpen en dat deze verborgen kosten meegenomen moeten worden in de prijs van onze kiloknallers. Een eerlijke prijs voor eerlijk voedsel!

Klik hier voor meer informatie >>

Wat zijn de gevolgen voor natuur en milieu in ontwikkelingslanden?
Voor de productie van veevoer leggen we beslag op 2,5 miljoen hectare grond in het buitenland (bijna tweederde van Nederland). Een groot deel van het geïmporteerde veevoer is soja uit Zuid-Amerika. Daar gaat de teelt van soja gepaard met illegale ontbossing, vervuiling door kunstmest en bestrijdingsmiddelen, gedwongen landonteigening en zelfs slavernij. In het Amazonegebied gaan voor de teelt van soja enorme oppervlakten tropisch bos tegen de vlakte.

Daarom zou veevoer zoveel mogelijk regionaal (Noordwest Europa) geteeld moet worden. Daarnaast moet de overheid minimale eisen stellen aan het veevoer dat ons land binnenkomt: geen natuurvernietiging en geen mensenrechtenschendingen. Geen houtkap voor speklap!

Klik hier voor meer informatie >>

Wat is er mis met soja?

Voor de sojateelt worden in Zuid-Amerika grote oppervlakten bos en savanne gekapt. Soja is daarmee een hoofdoorzaak van vernietiging van de natuur geworden. De expansie van soja gaat eveneens gepaard met conflicten over landrechten, schending van arbeidsrecht, milieuvervuiling, bodemerosie, gezondheidsproblemen en verlies van lokale voedselzekerheid en werkgelegenheid. De grootschalige teelt van gentech soja versterkt veel van deze problemen. Daarnaast draagt het gebruik van soja als veevoer in sterkere mate bij aan CO2 uitstoot dan voer dat in Europa is geteeld.

Kan ik dan wel soja eten?

Ja! Slechts een tiende van de in Nederland gebruikte soja is voor menselijke consumptie. Bovendien is voor het maken van vleesvervangers op basis van soja is vele malen minder soja nodig dan voor het maken van vlees. De soja in biologische producten is geteeld zonder gebruik van kunstmest en chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen.

Bestaat er ook verantwoorde soja?

Op dit moment is er zogenaamde Basel Criteria soja op de markt. Deze soja is gegarandeerd gentech-vrij en draagt niet bij aan ontbossing. Daarnaast gelden een aantal criteria op het gebied van milieu, arbeidsomstandigheden en omgang met lokale gemeenschappen. Een andere vorm van meer verantwoorde sojaproductie is de gezinslandbouw, kleinschalige familiebedrijven die naast soja ook andere gewassen en producten produceren. Milieudefensie en haar Zuid-Amerikaanse partnerorganisaties zijn positief over deze initiatieven maar vinden dat de oplossing van de sojaproblematiek in de eerste plaats ligt bij het verminderen van de vraag naar soja. Consumenten kunnen minder vlees eten en de overheid en het bedrijfsleven kunnen het gebruik van zoveel mogelijk regionaal (Noordwest Europa) geteeld veevoer stimuleren. De rest van de soja-import zou verantwoorde soja moeten zijn. We geven hierbij de voorkeur aan de soja uit de gezinslandbouw.

Jullie scheren alle veehouders over een kam

Het is waar dat er grote onderlinge verschillen zijn tussen veehouders. Natuurlijk zijn er ook bedrijven die het beter doen. Deze bedrijven verdienen meer steun van de overheid. Daarnaast willen we dat de overheid de minimumeisen op het gebied van milieu en dierenwelzijn verhoogt.

Jullie zijn tegen boeren!

Nee. We willen juist dat boeren een eerlijke prijs krijgen voor hun producten, en dat ze een bestaan op kunnen bouwen wat niet ten koste gaat van dier, milieu en boeren in andere landen. Wij willen dan ook dat de overheid maatregelen neemt waardoor dat mogelijk wordt. Op dit moment kunnen de meeste veehouders alleen overleven door steeds groter te groeien en zich steeds dieper in de schulden te steken. Bedrijfsovernames door kinderen van veehouders worden zo steeds moeilijker. De varkens- en kippenhouderij als familiebedrijf dreigt hierdoor uit Nederland te verdwijnen en plaats te maken voor grote op afstand bestuurde agrarische ondernemingen.

Wat verstaan jullie onder een duurzame veehouderij?

Een duurzame veehouderij produceert naar draagkracht van haar omgeving. Zij is zoveel mogelijk regionaal georganiseerd, waardoor het gesleep met dieren, de verspreiding van dierziekten en onnodige milieuvervuiling door transport worden voorkomen. De mest van de dieren wordt gebruikt op het land waar het veevoer geteeld is, waardoor de kringloop van voedingsstoffen wordt gesloten. Dit voorkomt een mestoverschot en onnodig gebruik van kunstmest. Veehouders die investeren in dierenwelzijn, milieu en natuur verdienen een eerlijke prijs voor hun producten.

Waarom is biologisch vlees beter dan gangbaar vlees?

De biologische veehouderij legt meer nadruk op het gebied van dierenwelzijn en milieu dan de bio-industrie. Biologische mest is een waardevol product dat zo mogelijk hergebruikt wordt op hetzelfde bedrijf. Veevoer wordt zonder bestrijdingsmiddelen geteeld en genetisch gemanipuleerde gewassen zijn verboden. Groeibevorderaars mogen niet worden toegepast in de biologische veehouderij. Het leven van een kip of varken ziet er heel anders uit in de biologische veehouderij. De dieren hebben veel meer ruimte in de stal en kunnen naar buiten om te scharrelen. In de biologische veehouderij is het kappen van snavels bij kippen en het verwijderen van staarten en hoektanden bij varkens verboden.